Royal Belgian Society

Prof P. Wylock

Editoriaal van Prof P. Wylock, vorige Voorzitter van de Koninklijke Belgische Verenigning voor Plastische, Reconstructieve en Esthetische Chirurgie

De moderne Plastische Heelkunde is tot bloei gekomen gedurende Wereld Oorlog I om het groot aantal soldaten met faciale mutilaties, "les gueules cassées", met reconstructieve operaties toch nog een menswaardig bestaan te geven. Het werk van beroemde voorgangers o.a. Gillies, Morestin en Esser bleef daarbij niet onopgemerkt.

Gedurende het interbellum was er een wildgroei van al dan niet erkende chirurgen die zich hoofdzakelijk toelegden op de Esthetische Heelkunde. Befaamde personen, zoals de Franse actrice Sarah Bernhardt, lieten zich cosmetisch bijwerken en hadden geen schroom dit uitvoerig in de media te verkondigen. Dit had ook toen een “booming” van Esthetische Heelkunde voor gevolg.

Wereld Oorlog II maakte aan deze luxe chirurgie duidelijk een einde.

Gedurende Wereld Oorlog II kwam het reconstructieve aspect van ons vak opnieuw in het voetlicht. Nadien ontstonden er in vele landen wetenschappelijke verenigingen van Plastische, Reconstructieve en Esthetische Heelkunde.

In België was het toch nog wachten tot 1955 voor de oprichting van onze Vereniging onder meer door dr. Coelst, de eerste plastisch chirurg in België.

Dit jaar, op 5 en 6 mei, vierden we ons 50-jarig bestaan met de nodige luister in de Cinquantenaire in Brussel. Onze Vereniging heeft ter die gelegenheid het predicaat "Koninklijk" gekregen.

Ook de uitgave van het Lustrumboek is niet onopgemerkt voorbijgegaan.

We gaven naar aanleiding van die viering o.m. een handvest uit, (te lezen op onze site) over de mistoestanden in de esthetische heelkunde. We oordelen immers dat het over beroepseer gaat.

De pers besteedde er heel wat aandacht aan.

Het voorbije decennium en tot vandaag is Esthetische Heelkunde opnieuw bijzonder in trek, net als tijdens het interbellum. Al dan niet gekwalificeerde artsen hebben het lucratieve facet van deze tak van de Plastische Heelkunde ontdekt. Ook nu laten vele BV’s zich esthetisch chirurgisch behandelen en laten zich uitvoerig fotograferen in de media. De geschiedenis herhaalt zich steeds.

We hebben allen de eed van Hippocrates gezworen na onze medische studie, maar voor vele collega’s is dat een dode letter geworden, eens ze een "plastische" praktijk hebben opgestart.

Bij het solliciteren zijn de meeste jongere collega's geïnteresseerd in de reconstructieve aspecten van ons vak, de microchirurgie, de handchirurgie, maar… eens erkend, na een langdurige opleiding, gaat hun belangstelling vooral uit naar de meer lucratieve Esthetische Heelkunde. De “editorial” van L. Furlow in de PRS van december 2004 “Plasmetic Surgery”[1] slaat de nagel op de kop.

Full-time academische staffuncties in de Plastische Heelkunde zijn niet meer gegeerd omdat de verloning in de privé-ziekenhuizen veel hoger ligt dan in de Academische Ziekenhuizen.

"Can academic plastic surgery survive ?" stelde de Amerikaan R. Ruberg in 2004 [2].

Ik vrees ervoor.

Toch wil ik niet te pessimistisch zijn. Nog nooit zijn onze reconstructieve technieken zo verfijnd geweest. Nog nooit werd zoveel gepubliceerd in de vele tijdschriften van Plastische Heelkunde. Nog nooit werden er zoveel hoogst interessante boeken geschreven in ons vakgebied. Ons vak getuigt van veel creativiteit in de chirurgie.

We staan voor boeiende evoluties ”Tissue engineering” is in zijn beginfase … over de vele toepassingsgebieden van de stamcellen zullen we nog veel horen in de toekomst.

Mag ik ervoor pleiten om in de eerste plaats "geneesheer" te zijn, dat is onze roeping,dat is onze uitdaging. Wij willen ons vak toch niet graag zien degenereren tot een winstgevende business zonder meer?

Prof. Paul Wylock, president BSPRAS

1. Plasmetic Surgery,
L. T. Furlow, Plastic and Reconstructive Surgery, Vol 114, December 2004, p.1954-1958

2. Can academic plastic surgery survive?
R. Ruberg, Annals of Plastic Surgery, Vol 52, March 2004, p. 329-330